Eikenprocessierups veroorzaakt overlast bij paarden – Paardenpraktijk Utrecht

Eikenprocessierups veroorzaakt overlast bij paarden

Van mei tot en met juli kan de aanwezigheid van de eiken-processierups, de harige larve van een nachtvlinder ineens (binnen 8 uur) forse problemen geven aan huid, slijmvliezen, luchtwegen bij mensen, paarden, runderen, schapen, honden en incidenteel ook katten. De meest voorkomende verschijnselen alle mensen en dieren zijn heftige jeuk, roodheid en zwellingen van huid, lippen, tong en ogen. De gevoeligheid voor de brandharen is per individu verschillend maar zijn gemiddeld het grootst bij mensen en honden. In Nederland is een geval bij paarden beschreven waarbij diarree en koliek mogelijk werden veroorzaakt door eikenprocessierups. Bij drachtige merries zijn in meerdere landen (nog niet in Nederland) massale abortussen en vroeg embryonale sterfte beschreven die veroorzaakt werd door ontstekingen als gevolg van in het lichaam gemigreerde brandharen van de eikenprocessierups.

Werkingsmechanisme en symptomen

Als de microscopisch kleine, zogenoemde brandhaartjes van deze rups in contact komen met bijvoorbeeld een paard dringen ze de huid of het slijmvlies in en geven ze verschillende irriterende eiwitten af waarop het lichaam reageert met afweer- of zelfs allergische reacties. Omdat de brandharen stevig en voorzien zijn van talloze weerhaakjes hebben ze de neiging steeds dieper de weefsels in te dringen.

Komen de brandharen alleen in contact met kleine delen van de huid of ogen dan zullen alleen zwellingen en jeuk ontstaan. Worden de brandharen opgenomen met ruwvoer of water, dan kunnen zwellingen in de mond en andere delen van het maagdarmkanaal ontstaan waarbij kwijlen/speekselen gezien kan worden. Als de brandharen ingeademd worden is het mogelijk dat ademhalingsproblemen en benauwdheid ontstaan.

Mensen kunnen naast de plaatselijke verschijnselen onder andere ook kokhalzen, misselijkheid, koorts en algemeen ziek zijn. Bij honden worden zeer ernstige ontstekingen van de tong gevonden waarbij delen van de tong afsterven.

In het Verenigd Koninkrijk, Verenigde Staten en Australië zijn het laatste decennium ook grote aantallen abortussen bij paarden beschreven die veroorzaakt zijn door ontstekingen in drachtige baarmoeders die veroorzaakt zijn door brandharen. Deze brandharen zijn daarbij, vergezeld van een ziekteverwekkende bacterie het lichaam ingedrongen en gemigreerd naar de baarmoeder.

De brandharen, de rups en de vlinder

De problemen worden dus veroorzaakt door de brandharen van een rups van de eikenprocessievlinder. De eikenprocessievlinder zelf is een onaantrekkelijke beige mot/vlinder, de volwassen verschijningsvorm. De vlinder komt pas in augustus uit en legt grote hoeveelheden eieren in de toppen van eikenstammen en bedekt ze met haartjes. De rupsjes komen pas in april van het volgende jaar uit, met veel beharing maar nog zónder de specifieke brandharen. De brandharen krijgen ze pas als ze drie keer verveld zijn en een volgroeide rups die 4 a 6 keer is verveld, heeft er ongeveer een miljoen!

De brandharen zijn een afweermechanisme van de rups tegen andere dieren. Ze kunnen ze “afschieten” bij een ongewenste aanraking, maar dit directe contact is niet alleen de wijze waarop mensen of dieren ermee in contact komen. Omdat één rups meerdere keren vervelt laat hij ook veel brandharen achter. Het vervellen doen de altijd in groepen levende rupsen steeds in een nest dat ze zelf spinnen van (brand)haren, uitwerpselen en oude vervellingshuiden. Deze nieuwe nesten zijn vanaf het late voorjaar dus ook rijkelijk voorzien van brandharen en kunnen tot een meter in doorsnede worden.

De brandharen kunnen tot ze 7 a 8 jaar oud zijn problemen veroorzaken en een oud nest bijvoorbeeld zal dus niet alleen in het voorjaar van het ontstaan maar ook vele jaren daarna voor risico’s zorgen. Met de wind kunnen de brandharen tot 100 meter verspreid worden.

Naast direct contact met een levende of dode rupsen en nesten kunnen we ook problemen krijgen doordat er een (nieuw of oud) nest met brandharen uit een boom gewaaid is door de wind of tijdens het branden of opzuigen tijdens een bestrijdingsactie. Als de brandharen in gemaaid gras terecht komen kan het gewonnen ruwvoer de bron zijn voor mens en dier. De aangetaste paarden krijgen dan in ieder geval zwellingen aan lippen en irritaties aan mondslijmvliezen of zelf slijmvliezen dieper in keel en verdere delen van het maagdarmkanaal. Onlangs werd ook beschreven dat een aantal paarden problemen (ontstekingen en jeuk in de mond) kregen na drinken uit een waterbak waarin processierupsen gevonden werden.

Hoe herken je de eiken-processierups, de losse brandharen en de nesten?

De levende eiken-processierups bevindt zich praktisch altijd op een eikenboom. Ook typisch voor alle processierupsen is dat zij altijd in grote groepen leven: overdag in een kluwen op de warme kant van de boomstam (meestal zuidzijde) en s’avonds en s’nachts in een grote rij (processie) achter elkaar aan bewegend naar de voederplaatsen (bladeren) en weer terug naar het nest. De kleur van het lichaam van de rups is in het jongste stadium oranje, en wordt gedurende de ontwikkeling lichter (blauwgrijs) en aan de bovenzijde steeds meer bedekt met lange witte haren.

Alleen in geval er onvoldoende voedsel (blad) meer aanwezig is zullen de rupsen zich via de grond verplaatsen naar een andere eikenboom of indien die niet aanwezig zijn op een boom van een ander type.

De losse brandharen zijn erg klein (0,2 a 0,3 mm lang) en zijn nauwelijks zichtbaar. Meestal zullen de symptomen van diegene die ermee in aanraking komen een aanwijzing zijn. Sommige paarden weigeren in eerste instantie hooi te eten dat besmet is met de brandharen en voor mensen voelt het hooi op de blote armen bijvoorbeeld prikkend aan.

De lichtgekleurde, gesponnen nesten die door rupsen bewoond worden zitten altijd vast aan stam of grote takken van de boom maar zo gauw ze verlaten worden verkleuren ze en worden rafelig.

Behandeling

Als er alleen uitwendig zichtbare milde symptomen zijn kan het beste geprobeerd worden de brandharen weg te spoelen met veel water. De jeuk bij de mens kan in deze milde gevallen verder gestild worden met een zachte crème met menthol of een gel met Aloë vera.

Is er ook sprake van bijvoorbeeld ernstige jeuk, fors kwijlen, slikproblemen, benauwdheid, uittreden van vocht uit de huidbeschadigingen of verschijnselen als koliek, diarree of algemeen ziek zijn, moet direct contact opgenomen worden met een arts of dierenarts.

Kleding of dekens die contact hebben gehad met brandharen moeten gewassen worden.

Als de bron van brandharen nog aanwezig is kan men het best een professioneel bedrijf inhuren om ze te laten verwijderen. Alleen op openbaar terrein is de overheid verantwoordelijk voor de bestrijding en kan een beroep gedaan worden op de gemeente, provincie of Rijkswaterstaat.

Bestrijding van de processierups

De beste manieren om van brandharen in bomen af te komen is het laten wegzuigen of wegbranden van de nesten. Een andere methode is het gebruik van natuurlijke vijanden zoals parasitaire sluipvliegen, sluipwespen, gaasvlieglarven en/of vogels óf het spuiten van een biologisch bestrijdingsmiddel.

Bij het gebruik van een biologisch bestrijdingsmiddel waarbij gebruik gemaakt wordt een specifieke bacterie of nematode om de rupsen te vernietigen zijn een aantal kanttekeningen. Hierbij blijven namelijk eventuele brandharen aanwezig waardoor de methode alleen gebruikt moet worden op plaatsen waar niet (ook) veel oude nesten aanwezig zijn, en alleen in een periode waarin er alleen nog heel jonge rupsen leven zónder brandharen. Verder gaan hierdoor niet alleen de eikenprocessierupsen dood maar ook rupsen van andere (beschermde) vlinders. Deze methode is daarom ook verboden en strafbaar in gebieden waar beschermde vlinders voorkomen.

Ook het gebruik van “normale” insecticiden is niet verstandig omdat ook hierbij de brandharen aanwezig en “actief” blijven. Andere “oplossingen” zoals het wegspuiten van rupsen of nesten met water of zelfs hogedrukspuiten is niet verstandig omdat de brandharen zich hierdoor alleen maar verspreiden.

Bronnen

Jans H.W.A. en Franssen A.E.M. De brandharen van de eikenprocessierups, (Thaumetopoea processionea L.) een mogelijk probleem voor dieren? Tijdschrift Diergeneeskunde sept. 2008

Kalis K. Pensionpaarden ziek na eten hooi met haren processierups. GD Veterinair 2007

Website RIVM onderwerp Eikenprocessierups

Deze website maakt gebruik van cookies om u een zo goed mogelijke gebruikerservaring te geven. Ga hiermee akkoord door op accepteren te klikken.